Een compliment kan toch geen kwaad?

compliment
“I have been complimented many times and they always embarrass me; I always feel they have not said enough.”

~ Mark Twain

 

Dankbaarheid in plaats van prijzen
In trainingen moedig ik deelnemers aan om, in plaats van te prijzen of complimenten uit te delen, dankbaarheid te uiten wanneer iemand iets doet wat je fijn vindt. Voor veel mensen is dit een onprettig idee, merk ik aan de verbaasde reacties die ik hierop krijg:

  • Maar, een compliment, daar is toch helemaal niks mis mee?
  • Niks mis mee, om mensen in hun kracht te zetten hoor!
  • Complimenten geven zit gewoon in mij, dat gebeurt spontaan.

Of soms verdedigend:

  • Veel mensen hebben gewoon moeite om een compliment te ontvangen.
  • Dat ligt dan toch bij de ontvanger als het onzekerheid oproept?
  • Wie geniet er nou niet van een gemeend compliment op z’n tijd?

Ik hoor hierin een verlangen om het leven te vieren, stil te kunnen staan bij momenten die het leven verrijken en dit te delen met degene die daarbij hielp. Bij de manier waarop wij hebben geleerd om te complimenteren lijkt het echter vaak meer te gaan om deze goede bedoeling van de complimentengever, wat inhoudt dat de ontvanger er maar voor moet zorgen dat die assertief genoeg is. Die moet dan leren om op een goede manier complimenten te ontvangen.

Nu lijkt het mij een boude stelling dat assertief = goed. Wie bepaalt dat? Ook voelt deze overtuiging wat beknellend voor mij, omdat die weinig ruimte laat voor de ervaring van de ander. Deze stelling gaat ervan uit dat iemand die zich ongemakkelijk voelt bij een compliment, een probleem heeft. De persoonlijke ervaring van diegene is daarmee geworden tot een karakterfout die gecorrigeerd moet worden. Toch ken ik best veel mensen, waaronder ikzelf, die zich wat ongemakkelijk voelen wanneer ze een compliment krijgen, ook al hebben we geleerd dat we een compliment gewoon zouden moeten aanvaarden. Dus wat gebeurt er eigenlijk, wanneer iemand een welgemeend compliment geeft en het voor de ontvanger toch niet heel fijn is om te krijgen?

Een vorm van dominantie
In Geweldloze Communicatie wordt prijzen en complimenten gezien als een ongelijkwaardige manier van communiceren. Het gaat hierbij namelijk over iemand die oordeelt over een ander, wat maakt dat het meer hoort bij het taalgebruik van dominantie dan van gelijkheid en samenwerking. Wat het nog lastiger maakt is dat in veel gevallen, prijzen en complimenteren ook gebruikt wordt als een beloning. Een manier om anderen te manipuleren om te doen wat we willen. Zo hebben bijvoorbeeld veel ouders, leraren en managers door hun eigen opvoeding, door advies van anderen of in communicatie- of leiderschapstrainingen geleerd om prijzen en complimenteren in te zetten om kinderen, studenten en werknemers te motiveren. Wanneer complimenten op deze manier worden gebruikt, om mensen te manipuleren, dan gaat dit ten koste van de vrijheid van de ander en ontstaat er geen verbinding. Verbinding die er wel kan zijn bij het uiten van oprechte waardering, zonder gehechtheid aan een bepaalde uitkomst (bijvoorbeeld of de ander mijn compliment wel goed zal opvatten).

 Een goedbedoeld maar niet intentioneel uitgesproken compliment kan nog best een heleboel oproepen bij een ander. 

Wat gebeurt er bij de ontvanger?
Dat ongemak dat mensen ervaren wanneer ze een compliment krijgen dat prijzend is verwoord, is omdat de gever zichzelf, door te evalueren, op de plaats van beoordelaar heeft gezet. De gelijkwaardigheid is weg, ineens ben je bezig met checken of dat oordeel wel klopt voor jou (geheel onbewust en in een flits van een miliseconde) en of dat strookt met jouw zelfbeeld. Je wordt in een hokje gestopt en omdat je een veelzijdig mens bent met behoeften die van moment op moment veranderen, voelt dat naar. Als ik bijvoorbeeld te horen krijg dat ik zo’n geduldige moeder ben, dan wringt in mij dat gedeelte dat zich al die keren herinnert waarop ik hartstikke onredelijk mijn geduld verloor. Ik wordt in dat moment niet meer echt gezien voor wie ik ben als persoon en dat levert een signaal op, dat iets over mijn persoonlijke grens gaat; ik krijg een ongemakkelijk gevoel.

Wat ook kan is dat mijn innerlijke criticus wordt wakker geschud door een compliment. Die begint mij dan te vergelijken met mijn ideaal en natuurlijk schiet ik enorm tekort. Ik stel mij voor hoe Marshall Rosenberg in deze situatie zou reageren of Scott Noelle en besef dan dat ik nog lang niet ben waar ik wil zijn. Dus wanneer ik hoor dat ik zo’n geduldige moeder ben dan vergelijk ik mijzelf soms bijna automatisch met dat ideaalbeeld en voel ik mij daardoor miserabel, enigszins beschaamd, depressief en zwaarmoedig.

En dan heb ik ook nog een hele voorwaardelijke innerlijke criticus die, wanneer die een compliment hoort, dingen kan gaan roepen als: “Ik ben OK wanneer…“. Ofwel, ik raak de verbinding kwijt met mijn zelf-acceptatie, mijn besef van mijn natuurlijke, inherente waarde als mens. Ineens ben ik pas een ‘goed’ mens wanneer ik altijd geduldig ben. En wordt mijn zelfvertrouwen en zelfwaardering afhankelijk van het oordeel van anderen. Dit levert een hele achtbaan aan emoties op, en een constante innerlijke strijd om mijzelf te bewijzen dat er een plaats voor mij is in deze wereld.

Er kan dus heel wat in mij omgaan, in reactie op één zo’n klein, en heel goedbedoeld, zinnetje. En ondertussen weet ik natuurlijk ook best dat de ander het leuk bedoeld heeft, dus komt daar nog een twijfel bij of mijn eigen gevoel dan wel terecht is. Misschien voel ik ook nog wel wat ongemak bij het idee dat de complimentgever hoopvol op mijn reactie wacht en dan sta ik voor de vraag of ik wel authentiek kan zijn (als ik uberhaupt al weet te benoemen wat mij zo ongemakkelijk doet voelen). Vaak voel ik mij daar niet veilig genoeg voor en ook is er een deel van mij dat bijna automatisch willen zorgen dat de ander zich niet rot voelt omdat ik toevallig het compliment moeilijk om te horen vindt.

Voor iemand die dan ook nog zo’n onbevraagde overtuiging heeft dat goed complimenten ontvangen betekent dat je assertief bent kan daar dus nog schaamte bij komen. Een afwijzing van je eigen lichamelijke reactie want je vindt van jezelf eigenlijk dat je een beter zelfbeeld zou moeten hebben en dat je beter complimenten zou moeten kunnen ontvangen enzo…

Kortom, een goedbedoeld maar niet heel bewust uitgesproken compliment kan een heleboel oproepen, wat verwarrend en blokkerend kan werken. De authenticiteit en de gelijkwaardigheid in het contact is weg en het wordt erg lastig door dit alles nog tot verbinding te komen.

Waardering uiten met compassie
Als je verantwoording wilt nemen voor de impact van je woorden en hoe je compliment kan worden ontvangen helpt het om woorden te kiezen die niet oordelend zijn over de ander, zelfs niet positief. Het maakt dat jij dichter bij jezelf blijft en de ander ook ruimte kan ervaren om helemaal zichzelf te zijn. Door het model van Geweldloze Communicatie te gebruiken heb ik een handvat om te checken dat er echt geen oordeel, beschaming, verwijt of andere blokkade insluipt:

  1. Wat is het dat de ander deed of zei? (Waarneming)
  2. Hoe voel ik mij daarbij? (Gevoel)
  3. Hoe droeg het bij aan mijn leven? (Behoefte)

Wanneer je op deze manier waardering geeft, dankbaarheid uit of samen iets viert, gaat het dus over wat de ander deed of zei, niet over de persoon als geheel. Bijvoorbeeld:

  • In plaats van “Wat ben je toch een lieverd!”: “Ik was geroerd door wat je net zei, het gaf mij echt een idee van betrokkenheid.
  • In plaats van “Je ziet er goed uit zeg!”: “Ik geniet van je glimlach en de pret in je ogen, ik word er helemaal blij van.
  • In plaats van “Wat ben jij toch de kalmte zelf!”: “Als ik zie dat jij even pauzeert voordat je reageert voel ik mij ontspannen en op mijn gemak bij jou.

Tips
Dit klinkt misschien heel gekunsteld in het begin, want het is niet mijn gewoonte na jaren educatie in een oordelende manier van communiceren. Voor mij dus een teken dat ik op de goeie weg ben juist, dat ik groei richting het spreken volgens mijn waarden en niet volgens aangeleerde patronen. Toch ben ik soms voorzichtig om het op deze manier uit te spreken, omdat ik er meer woorden voor nodig heb en de ander hier misschien niet altijd ruimte voor heeft of vindt dat ik niet zo raar moet praten. En uiteindelijk vindt ik het belangrijker dat mijn bedoeling overkomt dan dat ik de juiste woorden gebruik. Vaak is dit dus een oefening die ik in stilte doe, in mijn hoofd. Of met de mensen bij wie het veilig is, die snappen waarom ik mijn woorden met zorg wil kiezen en die mij hier niet voor veroordelen. En met oefening wordt het vanzelf veel gemakkelijker en natuurlijk om op deze manier mijn waardering uit te spreken. Als vanzelf wordt het dan een gewoonte die ik ook meeneem in mijn contacten met iedereen.

Meer lezen?

Geef een reactie